Home » Rapporten » Fosfaatbeschikbaarheid

Slangenburg, Koolmansdijk, Halse Heide, Heidenhoekse Vloed, Leeg’n Könningsstool en Voltherbroek

De fosfaat- en basentoestand van de bodem in percelen in Overijssel en Gelderland
Slangenburg, Koolmansdijk, Halse Heide, Heidenhoekse Vloed, Leeg’n Könningsstool en Voltherbroek
Inrichtingsmogelijkheden op basis van de fosfaat-en basenverzadiging.
Giesen & Geurts, 2007. G&G, Ulft/DLG, Regio Oost, Zwolle/Arnhem.
De onderzochte agrarische gras- en akkerlanden verkeren in een voedselrijk stadium. Gezien het voedselrijke karakter van de huidige gras- en akkerlanden, is het de vraag of de opgestelde natuurdoeltypen haalbaar zijn. Om de doelen te bereiken zal daarom een ander beheer moeten worden toegepast. Uitspraken over te verwachten vegetatie, worden gedaan op basis van bodemopbouw, fosfaat- en basentoestand en grondwatersituatie en -kwaliteit.

Download 5mB pdf.

Koolmansdijk

Bodemkartering Koolmansdijk met uitvoeringsadvies en kansrijkdom voor natuurherstel.
Giesen & Geurts, 2000. Ulft / Dienst Landelijk Gebied Gelderland LC Lievelde, Arnhem.
In de ruilverkaveling Lievelde wordt het bestaande deelobject Koolmansdijk versterkt met een aantal van de omringende landbouwpercelen. De natuurontwikkeling is gericht op het realiseren, van kenmerkende terreincondities voor de ontwikkeling van (orchideeënrijk) blauwgrasland en daarnaast heischraalgrasland, natte en vochtige heide. Om snel een gunstige uitgangssituatie voor natuurontwikkeling te realiseren is gekozen voor het verwijderen van de bouwvoor, wat naast verschraling ook zal bijdragen aan een verbeterde waterhuishouding. Voordat tot uitvoering overgegaan wordt, moet een gebiedsdekkend inzicht verkregen worden in bodemopbouw en (verwachte) hydrologische omstandigheden.
Download 2,8mB pdf.

Hooilanden Binnenveld

De fosfaat- en basentoestand van de bodem in de Hooilanden in Binnenveld-oost 2004, met plagadvies.
Giesen & Geurts, 2004. G&G, Ulft. SBB, Glederland.
In De Hooilanden (Binnenveld-Oost bij Veenendaal) zijn in 2001 en 2002 twee percelen geplagd. In de jaren daarna is na een explosieve uitbreiding van wilg, ook veel Pitrus verschenen. De beheereenheid voorzag grote moeilijkheden van het beheer van de resterende percelen die in 2004 zouden worden geplagd. Om deze eventuele problemen voor te kunnen zijn, heeft Staatsbosbeheer Regio Gelderland laten onderzoeken wat de trofiegraad van de bovengrond en ondergrond is en hoe de nalevering van fosfaat zich ontwikkelt.

Download 1,7mB pdf.

Groenlose Slinge

De fosfaat- en basentoestand van de bodem van percelen langs de Groenlose Slinge bij Beltrum, met plagadvies.
Giesen & Geurts, 2005. DLG, Regio Oost.
In de omgeving van Beltrum, langs de Groenlose Slinge, liggen enkele landbouwgronden, die zijn aangewezen voor natuurontwikkeling. In het kader van de ruilverkaveling Beltrum-Eibergen wordt voor deze percelen een inrichtingsplan opgesteld. Het betreft een aantal maïsakkers en graslanden links en rechts van de Slinge. Om na te gaan of in deze percelen natuurontwikkeling een kans heeft, werd onderzocht wat de voedings- en de basentoestand van de bovengrond is. Door de Dienst Landelijk Gebied wordt gedacht aan de ontwikkeling van dotterbloemhooiland en aan de rechterzijde van de Slinge een retentiebekken.

Download 2,4mB pdf.

Breedbroeken

De fosfaattoestand van de bodem in de Breedbroeken.
Giesen & Geurts, 2007. DLG, Regio Zuid, Tilburg.
Binnen het landinrichtingsgebied Weerijs (Noord-Brabant) ligt het gebied de Breedbroeken. De vegetatie van de Breedbroeken bestaat nu voor een groot deel uit de triviale graslandgemeenschappen. In het kader van de natuurontwikkeling van het gebied zijn natuurdoeltypen opgesteld: vochtig schraalland en vochtig bloemrijk grasland. Vroeger is het gebied als hooiland in gebruik geweest, maar begin jaren zeventig is intensief agrarisch beheer begonnen. . Er werd onderzocht wat de fosfaattoestand van de bodem is en er werd onderzocht wat de verschralingsduur is en het effect van vernatten.

Download 1,9mB pdf.

Brunninkhuizerbeek

Bodemonderzoek in het stroomgebied van de Brunninkhuizerbeek
Onderzoek naar de bodemopbouw, fosfaat- en basentoestand ten behoeve van een integraal inrichtingsplan voor het stroomgebied van de Brunninkhuizerbeek
Giesen & Geurts, 2006. G&G, Ulft. Waterschap Regge en Dinkel, Almelo.
In het stroomgebied van de Brunninkhuizerbeek in noordoost Overijssel, is in 2006 onderzoek aan de bodem uitgevoerd. Het doel hiervan was het vaststellen van herstelmogelijkheden van vegetatie die gebonden is aan fosfaatarme omstandigheden, na het beëindigen van landbouwkundig gebruik van een groot aantal percelen in het stroomgebied. Om na te gaan of, en zo ja tot hoe diep eventueel geplagd zou moeten worden, zijn boringen verricht om o.a. de dikte van de bouwvoor te bepalen. Van een aantal profielen is de fosfaat- en basentoestand onderzocht.
Download mB pdf.

Buurserbeek

De fosfaat- en basentoestand van de bodem van een perceel langs de Buurserbeek. Inrichtingsmogelijkheden op basis van de fosfaat- en basenverzadiging.
Giesen & Geurts, 2008. Ulft. Waterschap van Rijn en IJssel in Doetinchem.
Langs de Buurserbeek, bij de Koekoeksbrug, ligt een perceel grasland van ca. 1 ha. van het Waterschap Rijn en IJssel, dat door de Provincie Overijssel is aangewezen als nieuwe natuur. De vegetatie van dit perceel bestaat nu uit matig ontwikkelde gemeenschappen uit de Molinietalia met o.a. Veldrus. Het plan is de bovengrond van dit perceel af te graven, om zodoende een goed ontwikkeld schraallandvegetatie te ontwikkelen. Tevens zal het perceel dienst doen als retentieperceel.

Download 1,3 mB pdf.

Catspolder

De fosfaattoestand van de bodem in de Catspolder
Invloed van vernatting op de beschikbaarheid van fosfaat op basis van de fosfaatverzadiging
Giesen & Geurts, 2007. Ulft. DLG Leeuwarden.
In de ROM gebiedsvisie ‘Beekdal Linde’ zijn plannen ontwikkeld voor de EHS langs de Linde. De Catspolder staat daarin genoemd als te ontwikkelen meestromende polder. Volgens de plannen zal de polder onder water worden gezet met een wisselend waterpeil. Omdat vernatten en inundatie veranderingen in de fosfaathuishouding tot gevolg hebben, is het zaak een inschatting te maken van de fosfaatverzadiging van de gronden en van het fosfaat dat mobiel wordt bij vernatting. Aangezien de Catspolder in contact komt met Lindewater, is de kwaliteit hiervan ook van belang. Van het gehele systeem wordt niet verwacht dat na vernatting schrale omstandigheden zullen ontstaan.
Download 3,8 mB pdf.

Galdersche Heide

De fosfaattoestand van de bodem in de Galdersche Heide
Inrichtingsmogelijkheden op basis van de fosfaatverzadiging
Giesen, Th.G. & J.G. Vrielink, 2007. BBV-Vrielink, Bennekom/Giesen & Geurts, Ulft/DLG, Tilburg.
In het kader van de natuurontwikkeling van het gebied zijn natuur-doeltypen opgesteld: droge en vochtige heide. Van deze percelen is de grond nader onderzocht op aspecten die van belang zijn voor de ontwikkeling van de beoogde natuurdoeltypen. Hiertoe is veldwerk verricht, met grond-boringen, om het bodemtype vast te leggen en de dikte van de voedselrijke bouwvoor te bepalen. Van een aantal profielen werd op 2-3 diepten de fosfaattoestand onderzocht. In het noordelijke deel werd de bodem gekarteerd ten behoeve van plannen deze percelen af te graven. In het zuidelijke deel werden alleen bodemmonsters onderzocht ten behoeve van verschralingsplannen.
Download 1,5 mB pdf.